donderdag 8 mei 2014

7 mei 2014 April roert z’n bil, maar mei brengt zomer

Maandag, dinsdag en woensdag brengen afwisselend weer, maar ook heel veel regen. De atmosfeer is voor Griekse begrippen nog erg onrustig. We gebruiken het wat mindere weer om bootwerkjes te doen. Mary naait de door haar gehaakte lapjes aan elkaar tot een leuk hip dekentje ontstaat voor Zara of Amber en gaat snel verder met het tweede dekentje.
We fietsen over blubberige paadjes over een schiereilandje voor de baai bij Vonitsa, waar de Pepino ligt. Op de terugweg kleppen we lekker wat met Belgen op het terras. Het regent pijpenstelen, hagelt knikkers, waait stevig en onweert ook nog. April roert z’n bil is een variatie op een uitdrukking voor een andere maand. De boot ligt goed op ons Rocna anker. De boot buren hebben allebei twee mooringlijnen gepakt en ook geankerd. Omdat de mooringlijnen op zijn vangen wij de wind voor de anderen op met slechts één, maar gelukkig ook heel goed anker. Dat geeft vertrouwen. De volgende dag blijken de accu’s onder de 12 vlot gedoken en ik zet weer de motor een uurtje bij. Nu de compressor maar eens bekeken, want het ding blijft aanstaan en trekt de accu’s leeg. Later zou blijken dat de koelvloeistof op is. Woensdag, op de verjaardag van Suzan van Jaap varen we terug naar Preveza. We nemen afscheid van de heese Astrid en haar Hongaarse vriend Terry en hun met oranje getooide Janneau Sun Light 31.
Nog even tanken aan de gemeentekade, want je kunt maar genoeg hebben. Na een paar dagen regen staat de kade vol water. Het zand spoelt zo weer de haven in. Het weer is nu gelukkig beter, maar we willen stroom en ik moet er achter komen wat er met de koelkast mis is. Je moet er niet aan denken dat je geen goede koelkast hebt en lauw bier moet drinken! Een luxe probleem dus. Op ons gemak varen we weer de Amvrakikos Golf uit en meren, gelet op de voorspellingen en ook vanwege de gezelligheid weer af in Preveza Marina. We horen dat er strijd is tussen de overheid en de exploitant. De waterleiding is afgesloten door de gemeente. Daarom ook een betaalbare haven (€1 per meter). Die avond zijn we te gast bij Marian en Leendert en eten calimares, een soort inktvis. Heel apart.
1 mei, Dag van de Arbeid, is in Griekenland voor velen helaas zoals altijd een dag zonder arbeid. De stad is bomvol met Grieken en de terrassen zijn de hele dag 100% bezet. Wij fietsen langs de kust en bezoeken daar enkele oude Venetiaanse forten, die nog altijd de ingang van de Amvrakikos Golf bewaken. Zo te zien kost het de Grieken moeite om slopers en verveelde jeugd uit de monumenten weg te houden, of ze juist te betrekken bij de voor het toerisme in dit plaatsje erg interessante forten. We ontmoeten een dame die, als ze ziet dat wij een meer dan gemiddelde interesse aan de dag leggen, zich opwerpt als beschermvrouw van alle monumentale schoonheid en hebben een lange conversatie wat hier nodig zou zijn om de boel, in economisch opzicht, op gang te krijgen. Zoe (betekent leven, weten we dat ook weer) zegt dat ik hier burgemeester moet worden. Ik bedank voor de eer en we fietsen lekker verder naar het volgende fort.
Die avond eten we in The Mermaid op uitnodiging van Rob en Christa van de Garuda. Leendert en Marian zijn er ook bij en we hebben weer dikke pret. De uitbater en ook zijn dochter zijn taalvirtuozen, want ze kennen heel wat Nederlandse uitdrukkingen. Moppie en lekker kontje zijn de meest beschaafde. Dat leren ze van de vele gasten van de flottieljes. Vrijdag de was opgehaald en netjes aan de lijn in de zon te drogen gehangen. Lekker fris, beter dan in zo’n stinkdroogtrommel vind Mary. Ik ben er intussen wel achter dat het koelgas uit m’n koelkast is weggelopen. Moet niet kunnen, maar het ding is in 2011 ook al een keer bijgevuld. Ergens een lekje dus. Helaas heeft Griekenland geen Waeco dealer, maar de havenmeester weet raad. Hij kent iemand die in de airco’s en koeling werkt.
Wij gaan ‘s middags weer een lekker stuk fietsen en bezoeken nu Pantokratoras, het tweede en grootste fort uitgebreid. Schitterdende uitzichten en een heel fraai fort, waar Arjan van Dijk Events dikke feesten zou kunnen organiseren. Ook hier is te zien dat aanzetten tot restauratie helaas verzanden. Continuïteit van politiek beleid is hier niet vanzelfsprekend.
Weer buiten ontmoeten we Bart en Marijke uit Zeeland, die hier al 30 jaar rondzwerven met de LadyMar. Terug in Preveza drinken we heel gezellig een aangeklede borrel aan boord van de Scarab van Bob en Truus, die hier ook al sinds jaar en dag varen. Het zijn lopende encyclopedieën over waar je wel en niet moet gaan, maar ook heel aimabele mensen. Mary maakt omelet voor de avond. Zaterdag begint met regen. Mooi Stoomweer voor mij dus en winkelweer voor Mary. Ze gaat Preveza in met Marian. Voor z’n klein plaatsje heel leuke winkels trouwens. Weer een stukje gefietst om de beentjes bij te houden en daarna het gebruikelijke borreluurtje en happen bij de kroeg van Jan, waar we al eerder op het terras zaten. Volgens Bob een helemaal authentieke Griek. Hadden we toch een goeie neus voor oud en teak dus. Die dag kwam de koelkastman niet op het afgesproken tijdstip. Morgen…?
Zondagmorgen weer regen. Stoomwerk dus. Jaap en Diana zijn weer terug bij hun boot, die hier geparkeerd lag zolang ze op huizen passen. Om 12.00 uur komt zowaar de koelmonteur en hij brengt z’n broer mee. Het is geen weer om met vrouw en kind op pad te gaan, dus even tijd voor een klusje. Het duurt een uur, maar dan werkt de koelkast weer zoals het moet. We moeten €50 afrekenen en hij zegt het lek ook te hebben gevonden. Fantastisch! Als heel snel daarna kom ik tot de conclusie dat de koelkast de reden was van het gebrek aan volle accu’s. Terwijl ik dit typ en alleen de koelkast werkt trekken de zonnepanelen de accu’s vol tot 14.15 Volt. Super!
. We eten lekkere nassie aan boord. Maandag om 10.30 uur gaan de dames met de auto van Diane en Jaap naar de Lidl en komen weer terug met vele flessen water en een paar dozen bier. En drie paar schoenen, want daarvan kun je er nooit genoeg hebben. Wel leuke hoor. ’s Avonds dineren we aan boord van de Kiara. Het is een soort afscheidsetentje. Heerlijke Pulpo (ook inktvis) en garnalen! De heren gaan daarna nog eventjes stevig tekeer over de toestand in de wereld, Europa, Wilders, Rusland, de pensioenleeftijd, etc. etc. Op het enige moment dat het een seconde stil is schreeuwt Marian: “Jongens kan het ook een beetje zachter? Het lijkt hier wel een kippenhok!”. Het is even stiller, maar de conversatie gaat al snel weer op standje 10. Heerlijk toch een beetje Muppetshow nadoen? Dinsdag 6 mei vertrekken we weer uit Preveza. Het weer is eindelijk om. In Italië is nog een stevige windhoos geweest en nu moet het maar klaar zijn. We krijgen hoge druk en de depressies moeten nu opzouten. Als we de haven uitvaren zie ik een monsterlijk grote slurf onder de wolk boven Lefkas hangen. Is het nou nog niet klaar met de weerfenomenen? Gelukkig wel. De wolken lossen op en de zon wint terrein. Sterker nog, als we afmeren in de stille Markou baai zie ik in de wolkenlucht m’n moeder vredig toekijken. Het is goed. We luisteren naar de intense stilte, die wordt begeleid door druk kwakende kikkers, het langgerekte klagen van zeemeeuwen, vrolijk tjilpende bosvogels, het geklingel van een kudde schapen, een pruttelende buitenboordmotor van een eenzame visser en het gespetter van boven water springende opgejaagde visjes.
In de blauwe lucht trekt een vliegtuig krijtstrepen. Weerspiegeld in de zon, werkt een auto zich over de horizon. We nemen een glaasje en hebben het goed.

maandag 28 april 2014

27 april 2014 April doet wat hij wil. Ook in Griekenland

Toen Elsa nog meevoer begon het weer al wat onrustig te worden, maar het is er niet beter op geworden. April doet wat hij wil dus. De Grieken houden wijselijk hun winterjassen en lange broeken aan tot 1 mei. Als je iemand in een korte broek ziet is het beslist een toerist. De temperatuur kan van uur tot uur veranderen, meestal als gevolg van een bui in de buurt, die ijskoude lucht meebrengt. Is de bui weg dan staat de zon alweer te branden. De Grieken zeggen dat we straks blij zullen zijn met wat verkoeling, die vanaf mei niet meer terugkomt. Zeggen ze. Zondag de 20e beginnen we met uitslapen. Engelsen noemen het inslapen, maar dat gaat ons toch te ver. We ruimen de boel na de logeerpartij op en gaan water tanken bij de enige steiger waar de kraan het wel doet. We hebben van de 285 liter nog 60 liter over na 12 dagen varen met drie man aan boord. Als je niet elke dag een douche neemt kom je ver. Omdat de druk op de waterleiding hier plezierig hoog is springt de mooie Gardena spuitmond vervelend genoeg van de slang af en gaat natuurlijk prompt te water. Nog even gedregd, maar het enige wat ik boven haal is een zee-annemoon.
Moet je niet in grijpen onder water als je op zoek bent naar een spuitmondje. Om een uur of drie gaan we de stad in met Leendert en Marian. Het is bijna stil vergeleken met zaterdag, maar we vinden een leuk kroegje, waar we eerst een glaasje en uiteindelijk allerlei tapasachtige hapjes nemen: gamba’s, gegrilde gevulde aubergines, lamskoteletjes en dat soort spul. Terug bij de haven blijkt het flink gewaaid te hebben. Gelukkig geen schade dankzij de schuurplanken, die ik preventief tussen de stootwillen en betonnen steiger heb gehangen. Dit tafereel herhaalt zich op maandag Tweede Paasdag èn ook op dinsdag. We eten maandag weer wat losvast spul zoals geroosterd brood met olijfolie, tsaziki, Griekse salade, garnalen en inktvis. Daarbij uiteraard wat versnaperingen. We rekenen €10 pp af en hebben ’s avonds genoeg aan een boterham. Dinsdag hebben Mary en ik mosselen gehaald. Dat wil zeggen; in de eerste viswinkel geen mosselen meer. Een jonge bediende verwijst ons naar de concurrentie. Ook daar geen mosselen. We lopen weer langs de eerste viswinkel, waar de bediende ons vraagt of het is gelukt. Nee? “Wacht even” zegt hij en springt op z’n Vespa. Twee minuten later is hij terug met de mededeling dat de derde viswinkel ons de gevraagde 4 kilo mosselen kan leveren. Is dat service? Intussen hebben wij een tas vol groente voor €3,39 gekocht bij de lokale groenteboer. ’s Avonds om een uur of negen zijn we klaar met de voorbereidingen (mosselen moet je hier zelf ontbaarden) en Leendert, Marian, Jaap en Diane kunnen komen. Maar intussen was het weer hard gaan waaien. Wij zagen zelf al 38 Knopen op de meter en later zou het volgens anderen ruim 50 Knopen waaien. Een Endurance uit België lag aan de steiger te rijen dat het een lieve lust was. Alle boten maakten 10 tot 20 graden slagzij op hun kale masten. Wij hebben desondanks lekker mosselen gegeten. Het smaakte voortreffelijk, uiteraard dankzij de kookkunsten van Mary. Leendert ging tussendoor toch maar even kijken naar zijn boot, die kennelijk verkering had met de steiger. Wijzelf lagen nu aan de goede kant van de steiger.
Toen Leendert terug was hebben we de zeer gezellige maaltijd afgerond met koffie en een ouzo.
Woensdag 23 april bracht weer regen als openingsnummer. Desondanks kon ik zoals altijd wel even heen en weer naar de bakker fietsen voor een Mavro (=zwart) heerlijk vers bruin brood. Meteen de twee draaien was opgehaald. Die avond de 60e verjaardag van Christa gevierd aan boord van hun “Garuda” een oude Dufour met dekhuis. Christa en Rob varen al jaren rond hier, maar hebben ook een huis op Gozo, een klein eilandje bij Malta. Rob was een tijdlang directeur van de TESO (Texels Eerste Stoomboot Onderneming). Mooie verhalen krijg je dan weer te horen, ook van Piet en George. Het is opvallend hoeveel Nederlanders hier zijn met hun boten.
Donderdag en vrijdag vliegen voorbij. Donderdag eten we met Leendert en Marian bij ons aan boord en vrijdag andersom. Ik haal het 27 kilo zware roestvrijstalen CQR anker er af. CQR staat voor secure of zeker en was lange tijd hèt anker, maar deze rvs versie is niet origineel. De schacht is zo zwaar dat hij bij wat hardere bodems het liefst op z’n kant blijft liggen en niet ingraaft. De 20 kilo Rocna uit Nieuw Zeeland (nu over het algemeen als beste anker genoemd)graaft zich altijd onmiddellijk in en is nu ons vaste anker. Vrijdag maken Mary en ik eerst nog een mooie fietstocht in de omgeving, waarbij we ook het busstation bezoeken om de vertrektijden voor Athene te checken. Die van 12.20 uur moeten we hebben. Nog een paar weekjes dan kunnen we onze kinderen en kleinkinderen weer knuffelen.
Zaterdag willen we eindelijk Preveza verlaten, maar eerst ben ik nog aan het klieren met het uploaden van tegoed voor mijn Cosmote internetdongel. Na veel misverstanden blijk ik een oplaadkaartje te hebben voor een mobieltje in plaats van een laptop. Daarna Leendert nog even bijgestaan in de strijd om een goede uitlaat. Het spruitstuk dat Kemper&Van Twist opstuurde blijkt niet te passen op zijn type Perkinsmotor en hij is bezig om het te frezen. Of toch maar die oude laten oplappen? Lastig is voorzichtig uitgedrukt. Je kunt hier niet zomaar een goede monteur krijgen. Rond vier uur nemen we afscheid en varen het Amvrakikos Meer op. Ze noemen het Golf, maar het is net wat groter dan de Oosterschelde. De wind blijft mak en we genieten van een rustig tochtje terwijl de zon de wolken net zo lang verdrijft tot een groot blauw wak boven ons ontstaat. De zeilen kunnen weer even drogen en ook zelf genieten we van de warmte. Die ga je toch missen na een weekje prutweer. Aangekomen in Vonitsa laten we het Rocna anker zakken en varen netjes achteruit naar de kade. Naast een Nederlandse boot met een mevrouw met een zeer doorrookte stem, een Hongaarse man en een jarige hond (Baard Collie). Mary heeft een tonijn salade gemaakt en we gaan dit keer al om half twaalf naar bed. Weer gevaren! Wat maakt varen zo spannend dat het woord gevaar er zo op lijkt! Zondag komen Gerard en Cherie van de Peppino, een Amels 52 voet, op de koffie. Ze liggen hier voor anker en horen de hele dag het geklingel van de bellen om de schapenhalzen. De foto is van een Endurance in dezelfde baai.
Wij lopen daarna een lekker stuk rond het lokale fort en zien tot onze verrassing een heel bos met Gumtrees, die ons even het gevoel geven in Australië te zijn. Dit zijn loofbomen, die in Tasmanië tot 128 meter hoog werden. Die zijn gekapt voor houtproductie. De hoogste zijn nu 89 meter. Deze hier schat ik toch op zo'n 35 meter. We zullen een foto naar de familie daar sturen. Terug in het dorp drinken we een glaasje op een bijna leeg terras en zijn aangenaam verrast over wat we allemaal bij deze drankjes krijgen. Water, pinda’s en een bordje met geroosterd brood, fetakaas, komkommer, etc. Als we weer op de boot zijn merken we dat het laden van de laptop, Ipad en Iphones plus de koelkast net wat te veel is voor de zonnepanelen bij een bewolkte lucht. Er is hier geen elektra op de kant, dus moet de motor een uurtje stroomdraaien. We bellen lang met Marleen en komen eindelijk aan lezen toe. Ik lees de digitale Volkskrant tot de Ipad weer leeg is en kruip dan onder de “wol”. Heerlijk zo’n dekbed.

zondag 27 april 2014

19 april 2014 More Ionian Stories

In de morgen van de 16e april trekt de wind weer aan en omdat de Noord er in zit wordt het ook kouder. Zelfs in februari was het niet zo koud. Ik zet even de dieselkachel aan, die al weken niet heeft gedraaid. Het flottielje vertrekt weer en wij gaan wandelen. Ergens bovenaan de heuvel zien we een kerkje lonken en daar moeten we dus heen. Na een flinke klim worden we beloond met mooie uitzichten en ook een inzicht in de voorbereidingen voor Pasen. Ik trek in no time de paarse linten uit de lampen in de kerk voor een niet erg lange mevrouw. Ze was blij dat ze nu een keer de trap kon laten staan. In de kerk zijn weer heel wat iconen te bewonderen.
Verderop bezoeken we het casco van wat een enorm huis had moeten worden, maar waarvan de bouw vanwege de crisis is stilgelegd. Terug bij de boot zien we dat de oorlog tussen Duitsland en Engeland nog altijd woedt.
Een Engelse boot heeft het anker van Jürgen gelicht en hij moet er naar toe varen om z’n anker los te maken en opnieuw te ankeren. Even later staan we op de kant aanwijzingen te geven aan de schipper van de Engelse boot. Hij heeft kennelijk geen kaas gegeten van “ancoring stern to”. Als hij dichterbij komt blijkt het de boot van Simon en Lona te zijn, de Engels/NieuwZeelandse combi, die een jaar geleden een boot in Croatië kochten. Ik verontschuldig me voor mijn dwingende geroep en Simon voor z’n minder geslaagde landingspoging. Het jonge stel (hij 62/zij 70+) moet nog veel leren, maar ze verstaan de kunst om al vallend en opstaand plezier te hebben. We kletsen bij en hebben nog veel pret.
Donderdag varen we op de motor naar Sivota, een mooie baai aan de zuidkant van het eiland Lefkas.
We vinden een mooi plekje bij een nog niet geopende kroeg en bellen Diane.
Jaap en Diane, die al 7 jaar varen, passen hier vlak bij op een huis van een Engels echtpaar. Ze vroegen om even lags te komen als we in de buurt waren. Ze komen aan oppas adressen via een site. Leuke manier om vakantie te vieren, al moet je eerst wel worden gescreend voor je mee mag doen. Dit keer hebben ze een schitterend huis, dat stijf staat van het antiek. Jaap komt ons halen met de Twingo van €900 (meegenomen uit Nederland) en we tuffen met z’n vieren richting Vasiliki. We kletsen heel wat af en intussen bewondert Elsa het pand dat op 4 Ha grond staat. Er staat uiteraard ook een Landrover op de oprit. Opvallend hoeveel Engelsen hier zijn neergestreken. De verhuisbeweging is nog niet ten einde. Veel Engelsen zijn helemaal klaar met hun klimaat, maar ook met de in hun ogen achteruit hollende mentaliteit. Teveel houligans en teveel regeltjes. De Grieken krijgen een nieuwe belasting op hun grond en willen massaal grond verkopen. Een interessante combinatie, die hier veel Engelsen naar toe lokt. Jaap brengt ons weer netjes terug naar de boot en wij zoeken een plekje om te eten. Hoewel het buiten erg fris is, zitten we toch op een soort overdekt terras en eten heerlijk Grieks. Een tafel verder zitten Tree en Mike, bootmensen maar nu ook met een huis in de buurt. Tree, je snapt: een vrouw als een boom, speelde twee rollen in de Pantomime dit voorjaar. Het zijn heel aardige mensen en niet veel later schuiven we dichter bij en wisselen ervaringen en kennis uit. Omdat Elsa op zaterdag de 19e moet vliegen varen we op vrijdag van Sivota naar Preveza. Voor we wegvaren heeft Elsa nog een plezierig gesprek met Anthula, een heel aardige vrouw, die in het huis woont waarvoor we zijn afgemeerd. Als we hier weer eens komen gaan we bij haar eten.
Het is koud en de lucht kleurt grijs. Vijftig tinten grijs is een understatement. Lichtgrijs, donkergrijs, loodgrijs, grijsachtig blauw en uiteraard ook blauwachtig grijs. Kortom: de zeilpakken gaan aan zodra we de baai uitvaren. Dikke regenslierten laten zich door de zwaartekracht uit de wolken vallen. Hier en daar horen we een donderklap. Uiteindelijk sloffen we er aardig tussendoor en als we even later door de brug in het kanaal bij Lefkas de onstuimige zee opvaren richting Preveza, kunnen we nog een beetje zeilen. Motorzeilen, want ik houd de gang er in vanwege de dreigende loodgrijze luchten. We komen goed door de smalle gebaggerde geul naar de Amvrakikos Golf en meren af in de beschutte haven van Preveza. Het is eigenlijk een ex-werkhaven, die nu door Cleopatra Marine wordt geëxploiteerd als jachthaven. We nemen een borrel en ontmoeten even later Leendert en Marjan van de Cita II, een mooie Trintella IV. Leendert heeft de uitlaat van de Perkins motor gedemonteerd en doet verwoede pogingen er een ander uitlaatsysteem passend op te krijgen. Dat is nog niet eenvoudig, want het is geen standaard productieboot en alles moet anders. Hij wil liefst de oude rvs uitlaat laten oplappen, maar dat blijkt niet te kunnen. Het regent dat het giet die avond. En het klettert hagelsteentjes.
Zaterdag maakt Elsa zich klaar om vanaf Preveza terug te vliegen naar huis. Scheelt toch 5 uur bussen naar Athene. Het eerste Transavia toestel van dit jaar bracht Nederlandse boothuurders en andere vakantiegangers. Elsa vloog terug met maar 12 passagiers. Iemand gaf een rondje koffie voor alle passagiers! Voor ze wegging zijn we met Elsa nog even lekker door het levendige stadje gelopen (iedereen heeft een weekje vrij).
Ook een taxi geregeld, die Elsa vanaf de boot naar de luchthaven kon brengen. Je moet altijd scherp blijven in deze landen, want je hebt geen idee van prijzen. We waren het al eens dat de rit €20 moest kosten tot de chauffeur zei dat het “maar” een kwartiertje rijden is. “Dan kan het ook voor €15” zei ik met een lach op m’n gezicht. “Ok” zei de man lachend. Even na drie uur nemen we afscheid van Elsa. Het was een fijne tijd samen. Wij zij de enige leden van ons gezin in Europa, Goos zit in Australië en Henri op St. Maarten. Bij Mary is het overigens net zo. Haar broers zijn ook landverhuizers en wonen in Canada en op Aruba.
Het is Pasen; de winkels zijn uitgedost als snoeppaleizen. Deze zaterdagavond is de Paaswake. We gaan er heen met Leendert en Marian. Honderden kerkgangers luisteren naar het monotone gezang van de voorganger en z’n hulpsinterklazen en daarna steekt hij een kaars aan. Het vuur van de kaars wordt doorgegeven en in no time staat iedereen met een brandende kaars in de kerk, die zich vult met de lucht van verbrand kaarsvet. Op het voorplein van de kerk gaat de ceremonie verder. Weer monotoon gezang en dan als er kennelijk een signaal is gegeven gaat iedereen elkaar Vrolijk Pasen wensen. Wij doen vrolijk mee en lopen met de meute mee in de veronderstelling dat er nog wat gaat gebeuren, maar alle Grieken duiken snel in hun auto’s of klaarstaande touringcars. Wij lopen voorzichtig terug naar de haven met onze brandende kaarsjes. Daar aangekomen vieren we Pasen aan boord van de White Dolphin van Rich en Marian. Deze mensen hebben we in oktober 2013 al ontmoet, maar ze kunnen nog steeds honderduit vertellen over hun avonturen op de Rijn en de Donau, de Zwarte Zee en Istanbul. Het werd nog laat die avond.